En van Kobijn sta ik versteld dat daar een fantasy album van bestaat. Howel, bij Kobijn moet je van niks meer verschieten.
Recente fantasy reeksen lijken toch meestal herhaling van oudere verhalen.
Dat album was een van de eerste van Trondheim, als weddenschap dat hij met gemak een strip van 500 pagina’s kon maken. En om te leren tekenen. Je ziet Lapinot veranderen van een dikke, slecht getekende Vlaamse reus naar een ranke, iets minder slecht getekende haas (nog steeds met veel te grote voeten overigens).
Spijtig genoeg is het verhaal zelfs niet af na 500 pagina’s.
Een goeie strip is hoe, je hem als lezer interpreteert. Wat de een goed vindt is voor de ander gewoon slecht. En daar mag gelijk welk punten systeem op losgelaten worden.
Overschot van gelijk. Beauty is in the eye of the beholder.
Maar sommige beholders hebben wel een kritischer oog dan andere
Stripverzamelen is meer dan een hobby — het is het bewaren van verhalen die generaties verbinden. Elke strip in je collectie vertelt niet alleen het verhaal van de tekenaar, maar ook jouw eigen verhaal: waar je hem vond, wanneer je hem las, en waarom hij ertoe doet.